Disney’s Nine Old Men: Les Clark

Walt Disney werd wereldberoemd met zijn cartoons en later de avondvullende animatiefilms. En alhoewel hij slechts heel in het begin zelf de pen vasthield, liet hij dit al snel over aan zij die dit beter konden. En zo ontstond door de jaren heen binnen de Disney Studio een klein gezelschap die toonaangevend zal worden voor de Disney animatie die wij tot op de dag van vandaag kennen. Zij worden ook wel de Nine Old Men genoemd. Dit is het verhaal van Les Clark, de enige van de Nine Old Men die meewerkte aan de creatie van Mickey Mouse.

lesclark5

Les Clark werd op 17 november 1907 geboren in een groot mormoons gezin in Utah. Toen Clark een tiener was, verhuisde zijn familie naar Californië. Hier ontstond zijn fascinatie voor animatie. In 1925 ontmoette Clark voor het eerst Walt Disney, terwijl hij in een ijssalon werkte. Walt was onder de indruk van de belettering van de menu’s die Clark gemaakt had. Twee jaar later werd Clark “tijdelijk” aangenomen in de kleine animatiestudio van Walt. Deze “tijdelijke” baan zou tot 1975 duren, toen Clark met pensioen ging.

Clark werkte samen met Ub Iwerks aan de Oswald, the Lucky Rabbit cartoons. Toen Walt de rechten op Oswald – en bijna zijn gehele staf –  kwijtraakte aan Universal, bleef Clark werken door Walt. Al snel werd er gewerkt aan een nieuwe cartoon figuur: Mickey Mouse. Clark werd de assistent van Iwerks. Samen maakten zij verschillende Mickey Mouse cartoons. Clark werd voor het eerst hoofd-animator bij de Silly Symphonie The Skeleton Dance in 1929. Iwerks vertrok in die periode bij Disney om zijn eigen animatiestudio op te richten, waardoor Clark de gelegenheid kreeg meer Mickey Mouse cartoons en Silly Symphonies te maken. Hij kreeg rond die tijd ook een jonge animator als protegée genaamd Fred Moore. Moore zou later belangrijk zijn voor de latere stijl van Mickey Mouse.

In de jaren ’30 werden er vele nieuwe animatoren aangenomen bij de Disney studio, waaronder een aantal van de Nine Old Men. Walt besloot in die periode een avondvullende animatiefilm te willen maken. Maar hij vond dat het niveau van de animatie nog te laag was. Daarom huurde hij Donald Graham in, die zijn animatoren in de avonduren lesgaf in de animatie van anatomie. Alhoewel Clark geen opleiding had genoten, zoals vele van de nieuwe animatoren, ging hij gemakkelijk mee. Clark werd aangesteld om verschillende scènes met de dwergen uit Snow White and the Seven Dwarfs te tekenen. Eén hiervan was het Silly Song nummer. Hierna werd hij door Walt gevraagd Mickey Mouse te tekenen in The Sorcerer’s Apprentice, dat later zou uitgroeien in Fantasia. Ook werkte Clark mee aan Pinocchio, waar hij het hoofdpersonage in diverse scènes tekende en aan de Nutcracker Suite opnieuw van Fantasia.

De Disney Studio was aan het begin van de jaren ’40 uitgegroeid tot één van de toonaangevende animatiestudio’s. Clark werd in die tijd opgenomen in de Animation Board van de studio. In de tijd werkte hij mee aan Dumbo, waar hij onder andere de scènes met de clowns tekende en met Dumbo zelf. Toen Walt tijdens de Tweede Wereldoorlog voor de Amerikaanse regering op een goodwill trip naar Zuid-Amerika ging, werkte Clark mee aan de films Saludos Amigos en The Three Caballeros die naar aanleiding van die reis gemaakt werden. Ook tekende hij mee aan een aantal propagandafilms voor de Amerikaanse regering, zoals Der Fuhrer’s Face. De Disney Studio had na afloop van de oorlog weinig financiële middelen en maakte een aantal (goedkope) compilatiefilms. Clark werd als directing animator aangesteld voor diverse animatie scènes in onder andere The Song of the South, Fun and Fancy Free, Make Mine Music, So Dear to My Heart en The Adventures of Ichabod Crane and Mr Toad.

In de jaren ’50 werden er weer animatiefilms bestaande uit één verhaal gemaakt door Disney Studio. De eerste was het sprookje Cinderella, dat een enorm succes was en waarmee de moeizame jaren ’40 werden afgesloten. Clark werkte mee aan vele scènes met Cinderella waaronder de beroemde So This Is Love dansscène. Ook tekende hij mee aan Alice in Wonderland, waar hij veel voornamelijk Alice tekende. In Peter Pan tekende hij mee en was hij verantwoordelijk voor de scènes met Tigerlilly en Wendy. Ook tekende hij de scènes met de jonge Lady uit Lady and the Tramp. Eind jaren ’50 besloot Clark zich meer te gaan richten op shorts en tv-producties. Hij werkte nog wel mee aan Sleeping Beauty en 101 Dalmatians, maar zijn rol daarin was beperkt.

In de jaren ’70 kreeg Clark het gevoel dat de oude garde binnen de Disney Studio plaats moest maken voor een nieuwe generatie. En hij ging in 1975 definitief met pensioen. Vier jaar later overleed hij aan de gevolgen van kanker.

 

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s